Verslag vergadering Wmo-Adviesraad d.d. 24 juni 2014

Verslag vergadering Wmo-Adviesraad d.d. 24 juni 2014

1.Opening

De voorzitter opent de vergadering om 19.00 uur en heet de leden van harte welkom, alsook Peter Wiekenkamp en Esther Meijer die namens de gemeente resp. jeugdzorgbeleid en verslavingszorg komen toelichten en de gast op de publieke tribune.

Een speciaal welkom aan Ruud en Marissa. Zij zijn inmiddels benoemd tot lid van de Wmo-Adviesraad. Het college heeft er ook kennis van genomen dat Jantine de Kuijper aan de vergaderingen deelneemt als toehoorder.

De Wmo-Adviesraad betreurt het dat de gemeente niet zelf het initiatief heeft genomen om met de nieuwe leden te communiceren over hun benoeming.

 

2.Inspreken gasten

Niemand maakt gebruik van het spreekrecht.

 

3.Vaststelling agenda

De agenda wordt ongewijzigd vastgesteld.

 

4.Inleiding jeugdzorgbeleid, door Peter Wiekenkamp

De gemeente heeft een beleidsnota opgesteld die vandaag door het college is besproken en in de volgende raadsvergadering aan de raad ter vaststelling wordt aangeboden.

 

Decentralisatie van de jeugdzorg

De gemeente maakt onderscheid tussen de transitie en de transformatie. Met de transitie wordt het overhevelen van alle bestaande taken naar de gemeente bedoeld, inclusief het budget. De transformatie is de verandering van denken: hoe kan het beleid beter en efficiënter uitgevoerd worden? De kanteling is daar een onderdeel van. De gemeente wil het opvoedkundig klimaat versterken en werken met één aanspreekpunt per probleemgezin. De professionals moeten meer erkenning krijgen en niet onnodig beperkt worden door regels. Verder moet er meer op outcome gestuurd worden dan op output. Als leeftijdsgrens voor jeugdhulp wordt 18 jaar gehanteerd, tenzij trajecten al lopen of een jongere binnen een halfjaar terugkomt bij de hulpverlening. In het gedwongen kader kan de hulpverlening ook langer doorlopen.

 

Regionaal georiënteerd

Goeree-Overflakkee heeft zich aangesloten bij de Stadsregio Rotterdam en gaat als regiogemeente fungeren. Regiogemeenten gaan gezamenlijk de zorg inkopen op regionaal of zelfs landelijk niveau. Er is gekomen voor Rijnmond en niet met Zeeland omdat er al aansluiting was met de Veiligheidsregio. Ook is er een natuurlijker aansluiting voor kinderen met Voorne-Putten en de Hoeksche Waard. Financieel maakte het niet uit waar de gemeente zich aansloot.

 

Jeugdhulp kent een aantal domeinen:

-Opvoed- en gezinsondersteuning. Dit wordt nu op provinciaal niveau gefinancierd. Op Goeree-Overflakkee gaat het om 200 geïndiceerde trajecten.

-Jeugd met een beperking. Op Goeree-Overflakkee zijn circa 350 jongeren met een IQ < 70.

-Jeugd ggz (tot 18 jaar valt ggz onder de verantwoordelijkheid van de gemeente, daarna valt het onder Zorgverzekeringswet). Circa 600 jongeren worden psychisch ondersteund.

De Wmo-Adviesraad ziet een probleem voor kinderen die een laag IQ hebben, maar hoger dan 70. Zij kunnen grote problemen hebben, maar vallen niet onder de wet Jeugd met beperking.

Uitgangspunten Jeugdnota

Voor jeugd is geen apart budget, de uitgaven vallen onder het budget sociaal domein. De gemeente geeft niet meer geld uit dan ze ontvangt, maar heeft wel de plicht om hulp te leveren als bijvoorbeeld een huisarts iemand verwijst. Volgens de Mei-circulaire krijgt Goeree-Overflakkee voor 2014 een bedrag van 9,4 miljoen voor jeugd, wat circa een derde is van het totale gemeentebudget. Vanuit dit budget moet een taakstellende bezuiniging voor 2015 worden gerealiseerd van 15%, verspreid over een aantal jaren. Momenteel is de omzet in jeugdhulp voor Goeree-Overflakkee 8 miljoen. De omzet is echter berekend op basis van oude cijfers en door diverse herberekeningen zijn er nog een aantal witte vlekken in de financiële informatie. Bovendien is er niet goed zicht op de zorgconsumptie. Door privacymaatregelen is het vanuit de zorg moeilijk om gegevens op te leveren.

De Wmo-Adviesraad vraagt hoe de gemeente omgaat met het inzetten van hulp? Hoe gaat ze bezuinigen? Peter geeft het pgb als voorbeeld. De gemeente maakt beleid om te onderzoeken of mensen terecht gebruik maken van het pgb. Ze wil met ouders bespreken hoeveel pgb zij hebben, wat ze ermee doen en of ze het echt nodig hebben. Als ze meer budget krijgen dan nodig, worden ze gekort. Het wordt dus maatwerk. Een wijkteam of gezinsgeneralist zal mensen gaan bezoeken als het pgb afloopt. Tot de herindicatie loopt het huidige pgb gewoon door, het kan niet tussentijds ingetrokken of verlaagd worden.

Op langere termijn gaat de gemeente meer preventiemaatregelen uitvoeren en gerichter haar geld inzetten door het leveren van maatwerk, waardoor uiteindelijk geld bespaard wordt op de zorg. De gemeente gaat sturen op het verminderen van bovenlokale hulpverlening. Dat betekent dat kinderen minder snel naar een instelling of therapeut buiten het eiland worden gestuurd, maar vaker op het eiland worden geholpen door professionals hierheen te halen. Het jeugdondersteuningsteam kan aan de voorkant meer doen, om te voorkomen dat kinderen worden doorverwezen en allerlei indicaties krijgen. Wel moet er snellere toegang tot specialistische functies komen als dat nodig is.

Op de vraag van de Wmo-Adviesraad hoe de gemeente heeft geïnformeerd naar wensen en input van ouders, antwoordt Peter dat de gemeente bijeenkomsten heeft georganiseerd met 10-12 ouders. Zij zijn gevraagd om mee te praten over de invulling van het beleid. De input van deze ouders is gebruikt bij het opstellen van de beleidsnota. De gemeente is van plan om regelmatig met deze groep bijeen te komen, als klankbord. De gemeente wil ook graag met de jeugd zelf spreken, maar het is nog niet gelukt om hen bij het beleid te betrekken.

De Wmo-Adviesraad mist de social media als middel om de jeugd te informeren en te betrekken bij het beleid. De gemeente ziet het gebruik van social media als innovatie. Ze wil het CJG vragen om instrumenten hiervoor te ontwikkelen, zoals e-health. De Wmo-Adviesraad doet de suggestie om jeugdraden van scholen in te schakelen.

Kwalitatief goede jeugdhulp

De gemeente is met de regio in gesprek om de output (cijfers) te vertalen naar outcome (kwalitatief resultaat: hoe gaat het met de kinderen?).

De gemeente handelt sterk op Regionaal Transitie Arrangement. Met gemeenten in de regio zijn afspraken gemaakt over het continueren van de zorg. Zorginstellingen worden verplicht om door te gaan met het leveren van zorg.

Opgemerkt wordt dat het voorstel al door het college is vastgesteld, maar dat de Wmo-Adviesraad nog geen advies heeft uitgebracht. Wat kan de adviesraad nog inbrengen? Peter zegt dat het een dynamisch stuk is. Er is grote druk om het beleid vast te stellen, de verordening op te stellen en de afspraken met zorginstellingen te maken voor 1 januari 2015. Als de gemeente advies krijgt van de Wmo-Adviesraad, cliënten of andere partijen, wordt dit beoordeeld en waar nodig wordt de nota aangepast. De gemeente kan niet wachten tot alles definitief is en iedereen het erover eens is. Na vaststelling door de raad wordt er een uitvoeringsplan opgesteld. Daarin staat hoe het beleid geïmplementeerd wordt. Ook dat wordt een dynamisch stuk, omdat het moet (blijven) aansluiten op de behoeften die er zijn. Dit is een onderdeel van de transformatie. De gemeente krijgt heel veel nieuwe taken. Per 1 januari 2015 is de transitie een feit, maar dan begint het pas. Het beleid moet doorontwikkeld worden.

Toegang

De gemeente wil gaan werken met een uniform planproces voor melden, registreren en doorverwijzen. Er wordt gekeken naar alle kinderen in het gezin, niet alleen naar het kind dat is aangemeld.

De Wmo-Adviesraad vraagt wat er gebeurt met het budget als huisartsen veel cliënten gaan doorverwijzen. Peter antwoordt dat de gemeente in overleg is met de huisartsen over de jeugdwet. Voorkomen moet worden dat artsen eindeloos doorverwijzen, omdat de gemeente verplicht is om de zorgtrajecten te betalen.

De gemeente moet jeugdhulp bieden als de kinderrechter erom vraagt of het vanuit het gedwongen kader wordt opgelegd. Ze is verantwoordelijk voor jeugdbescherming, jeugdreclassering, meldpunt kindermishandeling en huiselijk geweld en heeft hiervoor een leveringsplicht. Gedwongen hulpverlening komt relatief weinig voor vergeleken bij andere regio's.

Efficiëntie verhogen

De gemeente heeft veel gesprekken gevoerd met instellingen. Hieruit bleek dat er op veel verschillende momenten wordt gediagnosticeerd (door huisarts, eerstelijns en tweedelijns zorg). De gemeente gaat proberen om dit op minder plekken te doen. De gemeente neemt de regierol in het gezin: een gezin krijgt één plan en één regisseur. Het is nog niet duidelijk hoeveel fte nodig zullen zijn. Gedacht wordt aan 15-20 fte.

De gemeente is een pilot met wijkteams gestart. Een wijkteam is centraal punt met een medisch, Wmo-, jeugd-, en werk- en inkomendomein. Achter het wijkteam functioneert het jeugdondersteuningsteam dat zich specifiek richt op jeugd en gezin met professionals uit instellingen, zoals jeugdpsychologen, gedragswetenschappers. Daarna kan eventueel diagnose gevraagd worden en kunnen kinderen in specialistische zorg terechtkomen.

De gemeente moet een zorgportfolio ontwikkelen. Deze wordt gebaseerd op historische gegevens, maar moet groeien en veranderen op basis van de veranderende zorgbehoeften. De generalist bij de gemeente bewaakt de kwaliteit van de zorg en stelt kwaliteitscriteria bij de inkoop.

De gemeente koopt Jeugdbescherming, jeugdreclassering, jeugdzorg+ AMK en Meldpunt Huiselijk Geweld in bij een gecertificeerde instelling (= Bureau Jeugdzorg in Rotterdam). Deze instelling gaat alle werkzaamheden uitvoeren.

Het Jeugdbeschermingsplein is een nieuwe samenwerking die moet voorkomen dat jongeren in de jeugdreclassering terechtkomen. Politie en OM worden nauw verbonden aan het jeugdondersteuningsteam. Jeugdzorg+ blijft, maar het aantal bedden zal worden teruggebracht. AMK wordt regionaal en lokaal ingebed. Het Veiligheidshuis blijft ook bestaan, maar de gemeente heeft hier slechts één cliënt.

Het college wordt verantwoordelijk om zaken bij de kinderrechter op tafel te krijgen. Dat doet nu de Raad van de Kinderbescherming. Jeugdzorg verdwijnt en het college wordt verantwoordelijk voor de jeugdhulp. Er moet dus een protocol komen voor de wijze van ingrijpen.

De gemeente wil veel investeren in het onderwijs. In het middelbaar onderwijs lopen al veel trajecten, maar in het basisonderwijs kunnen nog zaken verbeterd worden. Vroegsignalering op scholen is belangrijk, evenals bij sportverenigingen en de medische omgeving.

De Wmo-Adviesraad vraagt of er nog veel aannames in het document zitten. Peter antwoordt dat de hele decentralisatie en transformatie bedoeld is om de processen te verbeteren. Met de oude jeugdhulp verliep vooral de samenwerking en het contact met probleemgezinnen niet goed. Daar is onderzoek naar gedaan, zodat nu duidelijk is wat er niet goed ging en wat er verbeterd moet worden. Dat zijn de aannames voor de nieuwe structuur.

5.Inleiding verslavingszorg, door Esther Meijer

De gemeente heeft de afgelopen jaren het beleid vooral gericht op:

-weerbaarheidstrainingen groepen 7/8 basisonderwijs in samenwerking met St. De Hoop, Baumanstichting en twee zelfstandige trainingsbedrijven;

-trainingen Superfris aan supermarktmedewerkers;

-organisatie van alcoholvrije activiteiten binnen de kerkgenootschappen in samenwerking met St. Ontmoeting, inclusief een bewustwordingscampagne;

-specifieke weerbaarheidstrainingen voor kinderen die naar het voortgezet onderwijs gaan en niet zo sterk in hun schoenen staan;

-weerbaarheidstrainingen aan ouders van kinderen met een verslaving.

De Wmo-Adviesraad vraagt wat de activiteiten inhouden en hoe erop gereageerd wordt. In de vergaderstukken stond bijvoorbeeld dat het moeilijk is om met de kerkgenootschappen in contact te komen. Esther legt uit dat St. Ontmoeting de activiteiten in kerken organiseert. Er is een enquête afgenomen onder jongeren van PML over alcoholgebruik. Aan hun ouders is gevraagd hoe zij de alcoholproblematiek inschatten. Vervolgens zijn daar de werkelijke cijfers tegenover gezet. Uit de gesprekken die hieruit volgden, zijn focusgroepen ontwikkeld die activiteiten zijn gaan organiseren waarbij geen alcohol wordt geschonken.

De voorlopige effecten van het beleid worden nog in kaart gebracht. Het was moeilijk om een goede meetmethode te vinden. De effectiviteit van de weerbaarheidstraining was onvoldoende, maar bleek flink te verbeteren als de training werd gekoppeld aan een ouderavond. Ouderavonden zijn effectief gebleken: veel kinderen zijn in gesprek gegaan met hun ouders, waaruit afspraken zijn gekomen. De gemeente stimuleert dit, want ouders hebben meer invloed op hun kinderen dan ze vaak denken. Er is ook aandacht voor het versterken van de vaardigheden van docenten. Een eenmalige preventiebijeenkomst op school is immers niet voldoende.

Het nieuwe verslavingspreventiebeleid

De gemeente wil een brede en integrale aanpak voor alle inwoners van Goeree-Overflakkee. 

De afgelopen drie jaar heeft ze zich op drie pijlers gericht: preventie, samenwerking met handhavers (m.n. boa's) en toeleiding naar hulpverlening.

De Wmo-Adviesraad vraagt hoe de gemeente ambitie 2, elkaar aanspreken op ongewenst gedrag, gaat vormgeven, aangezien mensen dat hier niet gewend zijn. Esther antwoordt dat de gemeente nog geen uitvoeringsplan heeft opgesteld waarin is uitgewerkt hoe deze ambitie gerealiseerd moet worden. Bovendien is het een proces van jaren.

Verslavingspreventie is een zorg van alle inwoners en niet alleen van de gemeente. Inwoners hebben een belangrijke signaleringsfunctie. Verder zijn maatschappelijk betrokkenen belangrijk, zoals (horeca)ondernemers die alcohol verkopen. Jongeren zelf zijn belangrijk, evenals de ouders die grote invloed hebben op hun kinderen. Met de jeugd praten en afspraken maken is heel effectief. De gemeente is verder met in gesprek met horeca, supermarkten, sportverenigingen, scholen.

Aan zowel primair als voortgezet onderwijs zijn vragen voorgelegd over de wijze waarop verslavingspreventie ingezet zou kunnen worden. Ook bij jonge kinderen kan het gesprek al gevoerd worden, bijvoorbeeld over gebruik van volwassenen op feestjes: wat is normaal?

Financiën

De gemeente heeft ruim 100.000 euro gereserveerd, maar er is nog geen definitieve verdeling gemaakt. Daarvoor moet eerst het uitvoeringsplan worden opgesteld.

De Wmo-Adviesraad heeft berekend dat er door de weerbaarheidstrainingen in schooljaar 2014-2015 al een flinke overschrijding ontstaat. Voor het schooljaar 2015-2016 blijft er niets meer over voor deze trainingen. Esther legt uit er in 2015 opnieuw een budget van 109.000 euro vaststelt. De gemeente bekijkt jaarlijks waar ze het geld op inzet. Nu zijn de weerbaarheidstrainingen op scholen populair, maar het is niet gezegd dat deze cursussen gecontinueerd worden.

Monitoring

Timpaan Instituut gaat een aantal focusgroepen vormen met jongeren, ouders en inwoners om inzichtelijk te maken hoe zij over allerlei vormen van verslaving denken. Dat wordt het vertrekpunt voor de gemeente. De komende jaren worden soortgelijke onderzoeken gedaan. Over gameverslaving is nog weinig bekend, dit zal ook aandacht krijgen in de focusgroepen.

De gemeente houdt mystery guest onderzoeken bij supermarkten en slijterijen, waarbij vooral wordt gekeken of er verschil is tussen winkels die een training hebben gevolgd en die het niet hebben gedaan. Bij sportverenigingen en horeca is het nog niet inzichtelijk hoe het zit met alcoholverstrekking.

De Wmo-Adviesraad vraagt of de gemeente overweegt om de horecavergunning van sportkantines in te trekken als er sprake is van alcoholmisbruik. Esther antwoordt dat de verenigingen veel omzet halen uit de verkoop van alcohol. Het intrekken van een vergunning heeft dus grote gevolgen. In eerste instantie wordt vooral ingezet op voorlichting en preventie.

De Wmo-Adviesraad vraagt of er voldoende capaciteit bij opvanglocaties in Spijkenisse dat als centrumgemeente de opvang voor dak- en thuislozen moet regelen. Esther zal binnen de gemeente hiernaar informeren en het antwoord terugkoppelen via Wim.

6.Vaststelling verslag adviesraad d.d. 15 april 2014

Het verslag wordt ongewijzigd vastgesteld.

Naar aanleiding van

Bij in- en uitgaande post staat dat de Wmo-Adviesraad een kopie van de brief krijgen. Dit is niet gebeurd. Wim zal alsnog kopieën verspreiden.

Actielijst

De actielijst is niet bijgewerkt.

7.Verslag DB d.d. 27 mei 2014

In de iPad-overeenkomst is de periode afgerond naar een jaar. 

Het verslag wordt voor kennisgeving aangenomen.

8.Verslag Technisch Overleg d.d. 5 juni 2014

Klaas vraagt of het contact met de kerken verbeterd zou kunnen worden door de vertegenwoordiger van de kerken in de Wmo-Adviesraad. Cor antwoordt dat dit onderwerp vanuit de Wmo-Adviesraad is aangekaart. Het is gebleken dat het moeilijk is om bij de kerkgenootschappen binnen te komen. De gemeente zoekt nu uit hoe dit contact verbeterd kan worden.

Het verslag wordt voor kennisgeving aangenomen.

9.Inkomende en uitgaande post

Er zijn geen bijzonderheden.

10.Advies beleidsplan Jeugdzorg

Het advies is nog op enkele punten aangepast:

-De Wmo-Adviesraad is verheugd dat een deel van de invloed vanuit de klankbordgroep in het beleidsplan is opgenomen.

-Jeugdzorg en onderwijs is als criterium toegevoegd.

-Continuïteit van zorg over mantelzorgers (4e alinea): “In veel gevallen doen de mantelzorgers al een beroep op het sociale netwerk”. Toegevoegd wordt dat de Wmo-Adviesraad vraagt om aandacht voor de positie van mantelzorgers en te komen tot visieontwikkeling en beleidskeuzes op het brede terrein van mantelzorg, zodat sprake is van structurele inbedding en borging van de positie van mantelzorgers.

-Communicatie (punt 5, laatste alinea): De zorgaanbieders hebben aangeboden om een rol te spelen in de communicatie. Dit heeft de Wmo-Adviesraad aangevuld met de opmerking dat de adviesraad graag ziet dat de gemeente gebruik maakt van het aanbod van de zorgaanbieders om een rol te spelen in de voorlichting.

-Afhandeling van klachten: de gemeente noemt een procedure van bezwaar en beroep, maar deze is nog niet geconcretiseerd.

-Effectieve inzet van middelen (1e alinea): “als de bodem van de financiële middelen uitgeput dreigt te raken” wordt: “als de bodem van de financiële middelen in zicht is”.

-Als punt 9 is “Relatie jeugdzorg en onderwijs” toegevoegd. Het tekstvoorstel is erg lang en zal worden samengevat voor invoeging in het advies.

Opmerkingen vanuit de Wmo-Adviesraad

Wim merkt op dat bij punt 1 staat “In het beleidsplan is wat ons betreft de positie van pleegzorg onvoldoende uitgewerkt. Graag zien wij hierover een uitwerking tegemoet.” Het is niet van belang dat de Wmo-Adviesraad een uitwerking krijgt, maar dat de gemeente ervoor zorgt dat de uitwerking er komt. 

Cor stelt voor om bij de raadsvergadering van 26 juni 2014 in te spreken over de rol van de Wmo-Adviesraad en de Wmo-verordening. Hij stelt voor om de opgestelde adviezen dan uit te delen aan de gemeenteraad.

Afgesproken wordt dat de aanpassingen worden doorgevoerd in het advies. De definitieve tekst wordt nog rondgestuurd aan de adviesraadsleden. Wie nog wijzigingen wenst, kan ze uiterlijk woensdag 25 juni doorgeven aan Wim. Hij stuurt het advies woensdagavond naar de gemeente.

11.Advies verordening Wet maatschappelijke ondersteuning

Piet vraagt of de verordening door de Wmo-Adviesraad ter kennisgeving aangenomen moet worden, omdat het zo’n breed, abstract stuk is dat nog niet definitief is. Cor vindt dat de Wmo-Adviesraad moet beoordelen of alles erin staat wat erin hoort te staan. Het is een basisdocument dat de leidraad vormt voor gemeentelijk beleid. Wim heeft verzoek gekregen van de gemeente om voor de gemeenteraadsvergadering een advies over de verordening aan te leveren. Zowel de griffie als de gemeenteraad willen dit graag ontvangen.

De tekst over keuzevrijheid van zorgaanbieders moet strikter geformuleerd worden. Nu staat er dat de Wmo-Adviesraad hecht aan keuzevrijheid, terwijl wordt bedoeld dat de Wmo-Adviesraad vindt dat de cliënt keuzevrijheid moet hebben. Zo zijn er meer formuleringen, zoals een “tijdige evaluatie”. Beter is om een termijn te stellen. “Wij denken aan een termijn van maximaal vijf werkdagen” wordt herschreven tot: “Wij vinden dat de termijn maximaal vijf werkdagen mag zijn”. Afgesproken wordt dat het advies op deze punten nog iets aangescherpt wordt.

De Wmo-Adviesraad wil duidelijkheid over de rol van de gemeente Spijkenisse in de opvang van dak- en thuislozen van Goeree-Overflakkee. De gemeente Goeree-Overflakkee was hier niet duidelijk over. Afgesproken wordt dat Marissa dit aanvult in het advies. Cor neemt het mee in de inspraak.

De Wmo-Adviesraad mist in de verordening aandacht voor mantelzorg. Er is ook nog geen beleid voor. Er staat ook nergens dat de gemeente voornemens is om gesprekken te gaan voeren met mantelzorgers.

Afgesproken wordt dat het advies donderdag 27 juni 2014 tijdens de inspraak in de gemeenteraadsvergadering wordt overhandigd.

12.Advies beleidsplan Verslavingszorg

Er is nog geen advies over het beleidsplan Verslavingszorg. Besloten is om de presentatie af te wachten en eventuele opmerkingen uit de raadsvergadering te verwerken in het advies. Uit de presentatie bleek dat de gemeente een hoog ambitieniveau heeft, maar nog weinig plannen om uit te voeren.

Afgesproken wordt dat het advies indien mogelijk voor 10 juli wordt aangeboden aan de gemeente.

13.Powerpointpresentatie Wmo-Adviesraad GO

De powerpointpresentatie is uitgesteld tot de volgende vergadering.

14.Activiteitenplan 2013/2014

Er liggen diverse (gedetailleerde) verzoeken. De voorzitter vraagt om voor de septembervergadering een tijdsplanning te maken bij de plannen.

Voor wonen, werken en zorg wordt Eric Godrie het aanspreekpunt bij de gemeente.

Gerrie merkt op dat de stukken van de diverse werkgroepen er heel verschillend uitzien en vraagt of uniformiteit gewenst is. Afgesproken wordt dat dit niet nodig is, omdat het interne stukken betreft. Iedereen kan stukken opstellen zoals hij wil.

Meis Broeders heeft een interessante presentatie gehouden over het bij elkaar brengen van vraag en aanbod voor vrijwilligerswerk. Zij zal voor de septembervergadering worden uitgenodigd om de website “GO voor elkaar” te presenteren.

15.Rondvraag

Terugkoppeling bezochte bijeenkomsten

-Marissa is naar Zorgbelang in Leiden geweest, een bijeenkomst waar verschillende netwerken bij elkaar kwamen.

-Marissa is naar de kick off van het Wijkteam Oude Tonge geweest. Vorige week is de klankbordgroep bij elkaar gekomen. Het wijkteam is 2x16 uur per week beschikbaar, ook buiten kantoortijden.

-Gerrie merkt op dat per 3 juni het meldpunt Stimulering Burgerkracht is geopend. Er waren weinig burgers, wel zijn er al twee hulpvragen ontvangen.

-Marjo heeft als vrijwilliger aan tafel gezeten bij Rijnmond. Ze hoorde daar dat de Wmo-raad Hoeksche Waard de gemeenten gaat adviseren om een onafhankelijke ombudsman in te stellen. Misschien is dat ook een goed idee voor Goeree-Overflakkee. De generalisten van de gemeente zijn niet onafhankelijk.

-Wil is naar een bijeenkomst van de gemeente geweest over de woonvisie. Iedereen vindt dat de visie in het document ontbreekt.

Rondvraag

-Jan merkt op dat twee presentaties per vergadering over grote, belangrijke onderwerpen te veel is. De voorzitter is het ermee eens, maar de nota’s moeten voor de zomervakantie besproken worden. Geprobeerd wordt om voortaan één spreker uit te nodigen.

-Op 10 juli om 19.30 uur in het Rondeel is er uitleg over de iPads.

-Jantine heeft op de site van de koepel een digitale introductiecursus gevonden voor startende Wmo-raadsleden. Is er een wachtwoord en gebruikersnaam bekend? Wim zal het naar iedereen rondmailen.

-Jantine las in de Volkskrant dat Welzorg, hoofdaanbieder van de gemeente, heel slecht presteert. Is dat bekend bij de Wmo-Adviesraad en bij de gemeente? Zijn er klachten? Wil antwoordt dat ze vooral positieve signalen ontvangt.

-Jantine stelt voor om de verslagen van het DB en het TO in het besloten deel van de vergadering te bespreken, omdat toehoorders deze stukken niet hebben en niet weten waarover het gaat. Dat geldt ook voor de adviezen. Cor legt uit dat deze stukken allemaal in het openbaar besproken kunnen worden. Het punt zal in het DB besproken worden. (actie 14-08)

-Jantine heeft behoefte aan een duidelijker kader waarbinnen de adviezen opgesteld moeten worden. Afgesproken wordt om in het DB te discussiëren over een strikter kader. (actie 14-09)

-Jantine heeft behoefte aan informatie over raadsbesluiten, verordeningen, de volgorde, op welk moment de Wmo-Adviesraad inspraak heeft en wat strategisch het beste moment is voor de adviesraad om zich te laten horen. Afgesproken wordt dat Jantine per mail een overzicht ontvangt van de verschillende mogelijkheden. (actie 14-10)

-Gerrie merkt op dat de dorpsraad een uitnodiging heeft ontvangen van het ministerie van Binnenlandse Zaken voor een onderzoek naar bevolkingskrimp en vergrijzing. Wellicht kan iemand van de Wmo-Adviesraad hieraan deelnemen. De bijeenkomst is op vrijdag 4 juli in Ooltgensplaat. Afgesproken wordt dat Cor probeert om te gaan.

-Marjo vraagt wat het standpunt is van de Wmo-Adviesraad als de gemeente zaken doet met zorgaanbieders waarvan de bestuurders ver boven de Balkenendenorm verdienen. Afgesproken wordt dat voor de volgende vergadering wordt geagendeerd. (actie 14-11)

-Mark is betrokken geweest bij problemen in de kinderopvang door het faillissement van een kinderdagverblijf. In hoeverre is de gemeente betrokken geweest bij de communicatie en het zoeken naar oplossingen bij andere aanbieders. Afgesproken wordt dat dit punt wordt geagendeerd voor het TO. Mark stuurt informatie. (actie 14-12)

-Jan merkt dat veel mensen via de website inhoudelijke vragen over de Wmo stellen. Zij worden doorgestuurd naar de gemeente.

16.Sluiting vergadering

De voorzitter sluit de vergadering om 22.00 uur.

 

 

Aanwezig: Cor Hameeteman (voorzitter), Wil Noteboom, Klaas van de Ketterij, Marjo van Maurik, Mark Logtenberg, Jane van Dongen, Jan van Gurp (iets later), Paula van Moorsel, Wim van der Kamp, Piet Vervloet, Gerrie Jansen, Marissa Tanis, Ruud Bouwman, Jantine de Kuijper

Als gasten zijn aanwezig:  mevrouw I. Veldman (Zuidwester) en de heer W. den Eerzamen.

Afwezig met kennisgeving: Jane van Dongen, Aad den Hertog, Ingrid Wendt (verslag)

Voorzitter:Secretaris:

Cor HameetemanWim van der Kamp

 

 



« Terug naar verslagen