Eind april presenteerde staatssecretaris Van Rijn zijn plannen voor hervorming van de langdurige zorg. Ook stuurde hij een brief over het Zorgakkoord naar de Kamer. In de plannen is een grote rol weggelegd voor gemeenten. Zij krijgen namelijk per 1 januari 2015 op grond van de Wmo een brede verantwoordelijkheid voor de ondersteuning van burgers die beperkt kunnen participeren. Delen van de AWBZ worden dan gedecentraliseerd naar de Wmo. In deze extra nieuwsbrief van programma Aandacht voor iedereen schetsen wij enkele belangrijke gevolgen voor het lokale Wmo-beleid Tijdpad
Het kabinet wil dat de veranderingen in de Wmo in 2015 worden ingevoerd. Het recente wetsvoorstel voor de wijziging van de Wmo wordt ingetrokken. Een nieuw wetsvoorstel wordt volgens de staatssecretaris najaar 2013 verwacht. Het betekent dat gemeenten in ieder geval tijd hebben om in 2014 hun Wmo-beleid aan te passen. De VNG stelt in haar reactie op de plannen dat deze voorbereidingstijd te kort is voor gemeenten.
Visie
Het kabinet streeft naar een samenleving die mensen meer de mogelijkheden biedt om verantwoordelijkheid te nemen voor hun eigen leven, voor meer gelijke deelname en meer eigen regie. De voorgenomen ratificatie door dit kabinet van het VN-verdrag inzake de rechten van een persoon met een handicap zal een belangrijke impuls zijn bij het realiseren van een dergelijke samenleving.
De plannen van het kabinet zijn erop gebaseerd dat mensen eerst zelf en met hun sociale omgeving een oplossing proberen te vinden voor hun behoefte aan ondersteuning, als dat niet lukt kunnen ze een beroep doen op gemeenten en/of zorg via de zorgverzekeraar en alleen als er geen alternatief is, komen ze aanmerking voor zorg via de kern-AWBZ.
Toelichting
Uitgangspunten van het kabinet voor een langdurige zorg die van een goede kwaliteit is, maar ook in de toekomst nog betaalbaar is:
1. Uitgegaan wordt van wat mensen (nog) wel kunnen in plaats van wat zij niet kunnen. Kwaliteit van leven (welbevinden) staat voorop. Dat betekent bijvoorbeeld dat mensen langer thuis moeten kunnen blijven wonen.
2. Als ondersteuning nodig is, wordt allereerst gekeken naar het eigen, sociale netwerk en de financiële mogelijkheden van betrokkenen en wordt de hulp dichtbij georganiseerd. Zo zullen mensen meer voor elkaar moeten gaan zorgen.
3. Voor wie – ook met steun van de omgeving – niet (meer) zelfredzaam kan zijn, is er altijd (op participatie gerichte) ondersteuning en/of passende zorg.
4. De meest kwetsbare mensen krijgen recht op passende zorg in een beschermende, intramurale omgeving in een nieuwe kern-AWBZ.
Wie ondersteuning en zorg nodig heeft krijgt die zoveel mogelijk dichtbij - in de eigen leefomgeving - door gemeenten en zorgverzekeraars aangeboden. Deze ondersteuning en zorg zijn gericht op zelfredzaamheid, op het versterken van zelfstandigheid en op het langer thuis kunnen blijven wonen. Voor kwetsbare mensen die vanwege hun beperkingen niet meer in een thuisomgeving kunnen wonen, en die een beschermende en veilige omgeving nodig hebben, blijft zorg beschikbaar via de kern-AWBZ.
Deze veranderingen gaan veel vragen van alle betrokkenen. Samen met mensen die ondersteuning of zorg willen, wordt straks eerst gekeken wat zij samen met hun sociale omgeving kunnen doen. Gemeenten moeten daarom nog meer naast de burger staan. Zorgaanbieders zullen meer mens- en buurtgericht moeten gaan werken. De zorgverzekeraars en zorgkantoren moeten samenwerken met gemeenten. Zij zullen ook meer verantwoordelijkheid moeten nemen voor de kwaliteit van de zorg in instellingen. En de samenleving zal meer betrokkenheid en zorg voor elkaar moeten tonen.
Belangrijke veranderingen
Hieronder een overzicht van belangrijke veranderingen in de Wmo die het kabinet wil doorvoeren:
Compensatieplicht en kanteling
· Om duidelijker te maken wat de burger van de gemeente mag verwachten en omgekeerd, zal de compensatieplicht herijkt worden. Daarmee krijgen gemeenten meer ruimte om mensen zo nodig - als de hulp in eigen kring ontoereikend is - te ondersteunen met passende voorzieningen. De gemeente die een inwoner ondersteunt, mag van deze verwachten dat die er zelf ook alles aan doet om te kunnen participeren, zowel in sociaal als in financieel opzicht.
· Om de transitie van AWBZ-begeleiding naar de Wmo goed te laten verlopen, is de kanteling-gedachte een voorwaarde. De Kanteling vraagt om een andere kijk op aanbieden van ondersteuning of begeleiding. Niet vanuit bestaande voorzieningen maar vanuit wat een individu nodig heeft om mee te kunnen doen. De burger en de gemeente gaan samen in gesprek, waarbij de individuele behoeften en mogelijkheden centraal staan in plaats van de beperking of de zorgvraag of het standaard zorgaanbod.
Zorg en ondersteuning
· Per 2015 komen de aanspraken op extramurale zorg, kortdurend verblijf en bijbehorend vervoer in